Johannes à Mandeville [4]

(Uit de Historie #17)

Na de bestraffing in 1632 schijnt het jaren goed te gaan met de Garderense predikant. Maar opnieuw komen er beschuldigingen ter tafel. Velen van ons kunnen zich niet indenken dat zoiets bestaan heeft in die tijd: de bloeitijd van de Nadere Reformatie. Maar helaas is ds. Mandeville niet de enige waarvan zoiets van te vertellen is.

In 1639 spreekt men van ergerlijke geruchten betreffende ds. Mandeville. Verschillende ingezetenen van het kerspel, de beide kerkmeesters in het bijzonder, hebben met grote ‘droeffheyt en hertenseer‘ onder ede verklaard dat ds. Mandeville weer in zijn vorige fout is vervallen. Ds. Mandeville erkent schuldig te zijn en hij verzoekt de classis om hem niet meer dan enkele weken te schorsen.
Besloten wordt dat hij van 7 mei tot 9 juli vervangen zal worden door een achttal door de classis aangewezen en genoemde ambtsbroeders.
En is deze last de broeders opgelegd ‘na verhoor van saecken, ter meerdere eeren van der name Gods, stichtinge der kercken of Classis, weringe der ergernissen, en respecte van onse hoochweerdighe ministerio (= alle predikanten)’.
Ter plaatse zullen de predikanten naar eer en geweten handelen in overeenstemming met de artikelen van onze classicale akten en met de artikelen 79 en 80 van de aangenomen kerkenorde. Acht weken lang verzorgen anderen de kerkdiensten.

Geholpen heeft het helaas niet! Vijf jaar later op de mei-vergadering van 1644 zijn er opnieuw verscheidene klachten over zijn ergelijke leven:
Er heerst grote droefenis bij de gehele vergadering, die na lang gebruikte zachtmoedigheid van haar kant veel eer beterschap dan opnieuw ergernis verwacht had. Echter vele punten zijn er waarop ds. Mandeville schuldig bevonden wordt. Bevonden is dat hij ‘niet af en laet van sijne continueele (= onophoudelijke) dronckenschap‘. De censuur waarmede de classis reeds eerder dreigde en waaraan hij vroeger uit eigen bekentenis was onderworpen, zal nu plaats vinden. De Classis zal tot voldoening van haar geweten en op hoop van zijn verbetering hem eerst voor zes weken van zijn predikambt schorsen.
In die tijd zal men er op letten of hij die tijd ‘geduyrende, sich neerstelijck sal laten vinden in zijne kercke‘.
Men zal er ook op toe zien dat hij voortaan zijn huisgezin met vrouw en kinderen, volgens het voorschrift van een goed opziener, beter zal regeren met soberheid, zachtmoedigheid en voorzichtigheid. Na die zes weken zal men bij goede veranderingen besluiten de schorsing op te heffen. Zo niet, dan zal deze schorsing opnieuw met zes weken verlengd worden. Mocht dit alles niet helpen, dan zal men ds. Joannes à Mandeville ‘smadelijck deporteren‘ (= verbannen).
Het besluit van deze vergadering zal de komende zondag in zijn gemeente Garderen van de kansel afgelezen worden.

Wat moet dat een droeve zondag geweest zijn voor de gemeente en voor het predikantsgezin.

H.E.v.d.V.